Klein geaderd witje
Pieris napi
Habitat
Het Klein geaderd witje zie je overal in Nederland. Deze vlindersoort bewoont vochtigere gebieden dan de andere Koolwitjes (Pieris). De vochtigere gebieden bestaan uit moerassen, hooilanden en bosranden. Toch zie je deze vlindersoort ook in andere biotopen, zoals graslanden, tuinen, parken en heiden. Het Klein geaderd witje vliegt meestal in 3 generaties. De eerste generatie vliegt van eind april tot begin juni. De tweede en derde generatie hebben overlappende vliegtijden, van begin juli tot midden september.
Uiterlijk
Levenscyclus
Het Klein geaderd witje blijft 3 tot 7 dagen in het ei. Wanneer het Klein geaderd witje uit het ei komt, is deze vlindersoort nog voor 11 tot 22 dagen een rups. Vervolgens gaat de rups verpoppen. De verpopping bij de eerste generatie duurt 7 tot 13 dagen. Bij een overwintering duurt de verpopping 150 tot 330 dagen. Hierna leeft het Klein geaderd witje voor 9 tot 18 dagen als vlinder.
Waardplanten en nectarplanten
Waardplanten zijn speciale planten waar vlinders, zoals het Klein geaderd witje, hun eitjes op leggen. Als de eitjes uitkomen, eten de rupsen van die planten. Zo groeien de rupsen tot ze groot en sterk zijn om te veranderen in vlinders. Hierom zijn waardplanten van essentieel belang voor het voortbestaan van vlindersoorten, want zonder waardplanten zijn er geen rupsen en dus uiteindelijk ook geen vlinders.
Elke vlindersoort heeft zijn eigen favoriete planten. De waardplanten van het Klein geaderd witje bestaan uit Look-zonder-look (Alliaria petiolata), Pinksterbloem (Cardamine pratensis), Kruisbloemigen (Brassicaceae), Koolzaad (Brassica napus), Oost-Indische kers (Tropaeolum majus), Knopherik (Raphanus raphanistrum), Bittere veldkers (Cardamine amara) en Herik (Sinapis arvensis).
De meeste vlindersoorten, zoals het Klein geaderd witje, hebben nectar nodig om te overleven. Nectar halen de Vlinders uit nectarplanten. Nectar is een stroperig vocht dat afkomstig is uit bloemen. Dit vocht bevat veel suiker, kleine hoeveelheden eiwitten en vitamines. Nectar levert de energie die het Klein geaderd witje nodig heeft om te kunnen vliegen.
De nectarplanten van het Klein geaderd witje zijn Look-zonder-look (Alliaria petiolata), Pinksterbloem (Cardamine pratensis), Kruisbloemigen (Brassicaceae), Gelderse roos (Viburnum opulus), Lavendel (Lavandula), IJzerhard (Verbena bonariensis), Scheefkelk (Arabis), Kool (Brassica), Judaspenning (Lunaria), Waterkers (Rorippa), Herik (Sinapis), Oost-Indische kers (Tropaeolum majus), Akkerdistel (Cirsium arvense) en Kale jonker (Cirsium palustre).
Met steeds minder bloemen in de natuur betekent het dat je steeds minder vlinders ziet. Jij kunt het verschil maken. Plant vlindervriendelijke planten in je tuin en geef de natuur een toekomst!
Opgelet bij sommige plantsoorten
Knopherik (Raphanus raphanistrum) is eetbaar, maar de stengels zijn taai. De zaadjes zijn enkel giftig bij een te hoge inname.
Alle delen van de Gelderse roos (Viburnum opulus) zijn giftig voor mensen.
